Veel mensen weten niet dat een kat, net als een mens, suikerziekte kan krijgen. En net als bij mensen neemt het risico op suikerziekte toe als je kat te zwaar is. Reden te meer om zijn gewicht goed in de gaten te houden. Zeker als je hem hebt laten castreren, want na zo'n ingreep verandert zijn hormoonhuishouding drastisch, en zal hij met dezelfde hoeveelheid voer en dezelfde hoeveelheid lichaamsbeweging ongetwijfeld in gewicht aankomen.
Hoe herken je suikerziekte bij een kat?
Eigenlijk zijn de symptomen van suikerziekte bij een kat precies hetzelfde als bij een mens. Echter, een kat kan het natuurlijk niet verbaal duidelijk maken dat hij zich ellendig voelt. Daarom is een opmerkzaam baasje wel van belang.
De dingen die op kunnen vallen zijn bijvoorbeeld dat je kat opeens veel meer drinkt dan normaal en dat hij ook veel meer gaat plassen. Het drinkgedrag van een kat valt normaal gesproken niet op, want een kat drinkt nu eenmaal niet zoveel. Dus als je merkt dat hij nu opeens wel veel meer drinkt, dan weet je eigenlijk al zeker dat er sowieso iets aan de hand is. Als hij daarnaast ook nog eens last krijgt van vreetbuien, terwijl je merkt dat hij tegelijkertijd veel afvalt, dan is het noodzaak om in elk geval zo snel mogelijk contact op te nemen met je dierenarts, zodat hij snel een goede diagnose kan stellen. Als je te lang wacht, kan dit betekenen dat je kat uiteindelijk zelfs komt te overlijden!
Wat kan eraan gedaan worden?
Zodra de dierenarts met een test heeft vastgesteld dat er inderdaad sprake is van suikerziekte, dan zal hij overgaan tot het spuiten van insuline. Insuline is een stof die normaal gesproken in voldoende mate wordt aangemaakt in de alvleesklier, zodat de in het lichaam aanwezige glucose omgezet kan worden in bruikbare energie. Bij suikerziekte maakt de alvleesklier te weinig of zelfs geen insuline meer aan, en daarom kan je kat weer gewoon verder leven als hij met de juiste regelmaat insuline geinjecteerd krijgt. Jammer genoeg kan suikerziekte niet genezen worden. Alleen de symptomen kunnen bestreden worden. Dat betekent dat je kat de rest van zijn leven suikerpatient zal blijven. De dierenarts zal je leren hoe je de injecties toe moet dienen, en met welke regelmaat dit gedaan moet worden. Het is erg belangrijk dat deze instructies goed opgevolgd worden en dat je regelmatig contact met hem houdt, zodat je zeker weet dat je kat de juiste behandeling krijgt.